Verlichting voor gevogelte: de 7 belangrijkste aspecten

Pluimvee

Het belang van verlichting voor gevogelte wordt in toenemende mate erkent. En naar onze mening is dat meer dan verdient! Ons overtuigende onderzoek heeft aangetoond dat een optimaal lichtklimaat het welzijn en de prestaties van gevogelte aanzienlijk kan verbeteren. Verlichting voor gevogelte kent 7 belangrijkste aspecten die moeten worden afgestemd op de behoeften van de dieren.

Wat zijn nu die 7 belangrijkste aspecten? Waarom zijn ze zo belangrijk? Laten we ze één voor één bekijken.

1. Lichtspectrum

Het lichtspectrum is het deel van het elektromagnetisch spectrum dat zichtbaar is voor gevogelte. Een verlichtingsoplossing met een breed lichtspectrum komt het dichtst bij het spectrum van natuurlijk daglicht. Op die manier kunnen het zicht, het welzijn en de prestaties van het gevogelte worden verbeterd.

2. Knipperend licht

Knipperend licht is het snel wisselen van de lichtintensiteit van een lamp. Als een verlichtingsoplossing knippert, kan het gevogelte dit ervaren als een gevaar of dreiging. Stress is daar een logische consequentie van. Die stress resulteert dan weer in een hogere mate van onrust, met alle gevolgen van dien. Knippervrije verlichting is daarom de enige juiste oplossing.

3. Lichtverdeling & lichtintensiteit

Lichtverdeling staat eenvoudigweg voor de verspreiding van het licht. Lichtintensiteit is de hoeveelheid licht die op één plek wordt gemeten. Voor gevogelte wordt de lichtintensiteit gemeten in gallilux. Het is heel belangrijk om ervoor te zorgen dat de juiste hoeveelheid licht aanwezig is op de juiste plaats in de behuizing. Op die manier kan de lichtdistributie worden geoptimaliseerd. De beste manier om dit te realiseren is met het opstellen van een op maat gemaakt lichtplan om een lichtklimaat te creëren dat wordt afgestemd op de behoeften van uw behuizing en de dieren die daarin verblijven.

4. 100-0% dimbaarheid

Om zonsopkomst en zonsondergang te simuleren, is het belangrijk dat een lamp traploos gen gelijkmatig dimt van 100% tot 0%. Op die manier kan de natuurlijke situatie optimaal worden gesimuleerd, wat het welzijn van de dieren ten goede komt.

5. Hoge kleurweergave index (CRI)

De CRI drukt uit hoe echt en intens de kleuren zijn. Hoe dichter de CRI bij de 100 ligt, hoe dichter de geproduceerde kleuren in de buurt komen van natuurlijk zonlicht. Aangezien kippen relatief goed kleurenzicht hebben, wordt een CRI van tenminste 80 aangeraden. Dit verbetert het zicht van de dieren, met alle voordelen van dien.

6. Gecorreleerde Kleurentemperatuur (CCT)

De gecorreleerde kleurentemperatuur, of wel CCT voor Correlated Colour Temperature, drukt de kleurtemperatuur van het licht uit. Dit wordt uitgedrukt in graden Kelvin. Hoe hoger de kleurentemperatuur, hoe meer blauw er in het licht zit (koud wit). Hoe lager de kleurtemperatuur, hoe meer rood het licht bevat (warm wit). Het is heel belangrijk dat de juiste kleur wordt toegepast om het zicht te optimaliseren. De optimale lichtkleur verschilt per soort gevogelte.

7. Belichtingsperiode

De belichtingsperiode is het tijdsbestek waarin de verlichting aan staat.. Elk type gevogelte heeft een andere belichtingsperiode nodig. De belichtingsperiode moet worden afgestemd op het type gevogelte, het ras, het soort behuizing en andere aspecten.

Om een lang verhaal kort te maken.
Zoals u kunt zien zijn er heel veel factoren die moeten worden overwogen om een optimaal lichtklimaat voor gevogelte te realiseren. Elk soort gevogelte heeft zijn eigen vereisten en elk aspect heeft zijn eigen invloeden en voordelen.

Share this post:

Recent posts
Using HATO ONE in parent stock farm
HATO ONE: de alles-in-één pluimvee lichtmeter
De 4 belangrijkste voordelen van een optimale laag verlichting
Menu